Knowledge Base

Instellingen openen en bewerken in de System Setup (Systeeminstellingen) (BIOS)


Dit document bevat instructies voor het openen en bewerken van de instellingen in System Setup (Systeeminstellingen) (BIOS).

System Setup (Systeeminstellingen) (BIOS) openen


1. Zet de computer aan of start deze opnieuw op.
2. Als u het Dell logo ziet met de F2-prompt, drukt u op F2.
De F2-prompt duidt erop dat het toetsenbord is geïnitialiseerd. Deze prompt is soms heel kort zichtbaar. Als u voor de prompt op F2 drukt, wordt deze toetsaanslag niet geregistreerd. Als u te lang wacht en het logo van het besturingssysteem verschijnt, moet u wachten tot u het bureaublad van Microsoft Windows ziet. Sluit vervolgens de computer af en probeer het opnieuw

Verschillende methoden voor het resetten van System Setup (Systeeminstellingen) (BIOS)


• De standaardinstellingen van het BIOS herstellen
• Opstarten vanaf Windows Media
• RAID-volumes maken
• ISRT inschakelen
• UEFI-configuratie instellen

Herstel de standaardinstellingen van het BIOS


Als uw computer is ingesteld op opstarten vanaf een media- of USB-stick, wordt mogelijk niet naar Windows opgestart. Als u het BIOS naar de fabrieksinstellingen herstelt, kunt u dit probleem verhelpen:
1. Open System Setup (Systeeminstellingen).
2. Navigeer met behulp van pijltoetsen naar het tabblad Exit (Afsluiten).
3. Selecteer de optie waarmee standaardinstellingen worden geladen en druk op Enter.
4. Druk op Y om te bevestigen.
5. Selecteer de optie om de wijzigingen op te slaan en sluit af.
6. Druk op Y om te bevestigen.

Opstarten vanaf Windows Media


Wanneer u het besturingssysteem repareert of opnieuw installeert, moet u mogelijk opstarten vanaf de Windows-installatiemedia.
Uw computer heeft soms wel en soms geen optisch station. Gebruik een extern optisch station voor de procedures met media.
  1. Plaats de installatiemedia van Windows in het optische station.
  2. Open System Setup.
  3. Navigeer met behulp van de pijltoetsen naar het opstartmenu en druk op Enter.
  4. Markeer 1st Boot (1e opstart) met behulp van de pijltoetsen en druk op Enter.
  5. Pas de waarde van het 1e opstartapparaat aan naar cd/dvd met behulp van + of -.
    Het proces van het wijzigen van de opstartvolgorde in het BIOS hangt af van het type moederbord en de BIOS-versie die op uw computer is geïnstalleerd.
  6. Druk op Esc om het BIOS af te sluiten
    Dit is de weergavetaal van het proces voor de Dell Direct USB-stick en kan hetzelfde zijn als het besturingssysteem. Selecteer de juiste taal.
  7. Selecteer de optie om de wijzigingen op te slaan en sluit af.

Als de opties in stap 4 en 5 hierboven niet beschikbaar zijn, gebruik dan een van de onderstaande opties om van de media op te starten:

1. Markeer 1st Boot (1e opstart) en druk op Enter. Selecteer cd/dvd en druk op Enter.
2. Kijk in het Help-scherm van het BIOS welke toets gebruikt moet worden om de opstartvolgorde te wijzigen.

RAID-volumes maken


Als uw computer Redundant Array of Independent Disks (RAID) gebruikt, maak dan een RAID-volume nadat u het besturingssysteem opnieuw hebt geïnstalleerd.
Als de SATA-modus naar AHCI, IRRT RAID On of RAID-modus is geconfigureerd, moet u de IMSM/IRST-driver installeren nadat u het besturingssysteem opnieuw hebt geïnstalleerd.
  1. Open System Setup.
  2. Navigeer met behulp van de pijltoetsen naar de menuoptie Advanced (Geavanceerd) en druk op Enter.
  3. Markeer SATA Operation (SATA-werking) met behulp van de pijltoetsen en druk op Enter.
  4. Selecteer RAID en druk op Enter.
    Het proces van het inschakelen van RAID in het BIOS hangt af van het type moederbord en de BIOS-versie die op uw computer is geïnstalleerd.

    a. Selecteer het menu Advanced (Geavanceerd) en selecteer vervolgens het scherm OptionRom. Selecteer Display (Weergeven).

    b. Selecteer het menu System Configuration (Systeemconfiguratie) en selecteer vervolgens SATA Operation (SATA-werking). Selecteer de optie RAID of RAID On.

  5. Druk op Esc om het BIOS af te sluiten.
  6. Selecteer de optie om de wijzigingen op te slaan en sluit af. De computer start opnieuw op en het scherm met Intel Rapid Storage-technologie (IRST) verschijnt.
    De IRST is een in het systeem-BIOS ingebouwde gecodeerde module die opstartondersteuning voor RAID-volumes biedt.
  7. Druk op Ctrl en I om het hulpprogramma voor configuratie te openen.
  8. Markeer Create RAID Volume (RAID-volume maken) met behulp van de pijltoetsen.
  9. U kunt de standaardinstelling voor het RAID-volume gebruiken, maar u kunt ook de naam, het RAID-niveau, de schijven, stripe-grootte en capaciteit naar wens aanpassen.
    U kunt het RAID-niveau op RAID0 (Stripe) of RAID1 (Mirror) instellen. Als u twee harde schijven en één mSATA hebt, kunt u RAID 0 op een van deze apparaten instellen.
  10. Markeer Create Volume (Volume maken) met behulp van de pijltoetsen.
  11. Druk op Y om door te gaan wanneer u wordt gevraagd om het nieuwe volume te maken.
  12. Selecteer Exit (Afsluiten) en druk op ENTER.
  13. Druk op Y om af te sluiten. De computer start opnieuw op.
  14. Controleer of de IRST is geïnstalleerd.

ISRT inschakelen


De gebruikersinterface van Intel Smart Response-technologie (ISRT) is bereikbaar vanuit Windows en kan worden gebruikt om cachevolumes te configureren en te beheren.
1. Meld u aan bij Windows.
2. Dubbelklik op het ISRT-pictogram in het systeemvak om de applicatie te openen.
3. Klik op Accelerate (Versnellen)
4. Klik op Enable Acceleration (Versnelling inschakelen). De scherm Enable Acceleration (Versnelling inschakelen) wordt weergegeven.
5. Klik op de aangegeven geheugengrootte onder Select the size allocation for the cache memory (Selecteer de grootte van het cachegeheugen). Bijvoorbeeld 18,6 GB, enzovoort.
6. Selecteer Disk on port 0 (Schijf op poort 0) onder het gedeelte Select the disk or volume to accelerate (Selecteer de schijf of het volume dat versneld moet worden).
7. Selecteer Enhanced mode (Enhanced-modus) onder het gedeelte Select the acceleration mode (Selecteer de versnellingsmodus).
8. Klik op OK

UEFI-configuratie instellen


Als de opstartmodus in het BIOS is uitgeschakeld, kunnen bepaalde drivers mogelijk niet goed functioneren. De opstartmodus Enabling Unified Extensible Firmware Interface (UEFI) schakelt UEFI-drivers in.
  1. Open System Setup.
  2. Markeer de optie Boot menu (Opstartmenu) met de pijltoetsen en druk op Enter.
  3. Markeer de optie Boot Mode (Opstartmodus) of Boot List (Opstartlijst) met de pijltoetsen en druk op Enter.
  4. Selecteer UEFI en druk op Enter.
    In de opstartmodus kunt u kiezen tussen de opstartmodi Legacy of UEFI. Als u Legacy kiest, kunt u opstarten naar apparaten die Legacy BIOS ondersteunen. Als u UEFI kiest, worden UEFI-drivers ingeschakeld. Voor het wijzigen van de opstartmodus moet uw storageapparaat voor opstarten een partitie hebben die compatibel is met de opstartmodus. Als u de opstartmodus wijzigt, kan het storageapparaat voor opstarten mogelijk niet meer compatibel zijn waardoor uw computer niet meer opstart. Het herstellen van de opstartmodus kan een storing van een incompatibel storageapparaat voor opstarten verhelpen en uw besturingssysteem herstellen.
  5. Markeer Secure Boot Control (Beveiligd opstarten) of Security Boot (Veilig opstarten) en druk op Enter.
  6. Selecteer Enabled (Ingeschakeld) en druk op Enter.
  7. Markeer 1st Boot (1e opstart) met behulp van de pijltoetsen en druk op Enter.
  8. Selecteer UEFI: Windows Boot Manager (Windows Opstartbeheer) en druk op Enter.
  9. Druk op Esc om het BIOS af te sluiten.
  10. Selecteer de optie om de wijzigingen op te slaan en sluit af.

 


Artikel-id: SLN288100

Laatste wijzigingsdatum: 30-04-2018 18:47


Beoordeel dit artikel

Nauwkeurig
Nuttig
Eenvoudig te begrijpen
Was dit artikel nuttig?
Ja Nee
Stuur ons feedback
Opmerkingen mogen geen speciale tekens bevatten: <>() \
Excuses, ons feedbacksysteem is momenteel offline. Probeert u het later nog eens.

Hartelijk dank voor uw feedback.