
Inspiron 5505 Onderhoudshandleiding
Opties voor Systeeminstallatie
| Hoofdmenu | ||
|---|---|---|
| Systeemtijd | Toont de huidige tijd in de indeling uu:mm:ss. | |
| Systeemdatum | Toont de huidige systeemdatum in de indeling mm:dd:jjjj | |
| BIOS-versie | Toont de BIOS-versie. | |
| Productnaam | Toont het modelnummer van uw computer. | |
| Servicetag | Toont de servicetag van uw computer. | |
| Asset-tag | Toont de asset-tag van uw computer. | |
| CPU-type | Toont het type processor. | |
| CPU-snelheid | Toont de processorsnelheid. | |
| CPU-ID | Toont de identificatiecode van de processor. | |
| CPU Cache | ||
| L1 Cache | Toont wordt de L1 cache-grootte van de processor. | |
| L2 Cache | Toont de L2 cache-grootte van de processor. | |
| L3-cache |
Toont de L3 cache-grootte van de processor. |
|
| Primaire HDD | Toont het type harde schijf dat is geïnstalleerd. | |
| M.2 PCIe SSD | Toont de M.2 PCIe SSD-apparaatgegevens van de computer. | |
| Voedingsadaptertype | Toont het voedingsadaptertype. | |
| Systeemgeheugen | Toont de grootte van het geïnstalleerde geheugen. | |
| Geheugensnelheid | Toont de snelheid van het geheugen. | |
| Keyboard Type | Hiermee wordt het type toetsenbord weergegeven dat op de computer is geïnstalleerd. | |
| Geavanceerd | ||
|---|---|---|
|
PowerNow! Inschakelen |
Hiermee schakelt u het schalen van dynamische frequenties en energiebesparende technologie voor de AMD-processor in of uit. Standaard: Ingeschakeld |
|
| Virtualisatie | Hiermee schakelt u de virtualisatietechnologie in of uit. Standaard: Ingeschakeld |
|
| Geïntegreerde NIC | Hiermee wordt de interne LAN-controller in- of uitgeschakeld. Standaard: Ingeschakeld |
|
| USB Emulation | Hiermee wordt de functie USB-emulatie in- of uitgeschakeld. Deze functie bepaalt hoe het BIOS, in afwezigheid van een USB-bewust besturingssysteem, omgaat met USB-apparaten. USB-emulatie is altijd ingeschakeld tijdens POST. OPMERKING: U kunt niet opstarten vanaf USB-apparaten (diskettestation, harde schijf of een memory key) wanneer deze optie is uitgeschakeld.
Standaard: Ingeschakeld |
|
| USB-opstartondersteuning | Hiermee kunt u instellen dat USB-apparaten de computer uit de stand-bymodus mogen halen of dat deze functie wordt uitgeschakeld. OPMERKING: Als USB PowerShare is ingeschakeld, kan een apparaat dat is aangesloten op de USB PowerShare-aansluiting de computer niet uit de standby-modus halen.
OPMERKING: Om de wake support (stand-by) voor de vingerafdruklezer in te schakelen, moet de USB Wake Support in het BIOS worden ingeschakeld. Voer de stappen in het Knowledge Base-artikel 000131547 uit om USB Wake support in te schakelen.
Standaard: Uitgeschakeld |
|
| SATA-activiteiten | Hiermee kunt u de bewerkingsmodus van de geïntegreerde SATA harde-schijfcontroller configureren. Standaard: AHCI |
|
| Adapterwaarschuwingen | Hiermee kunt u kiezen of de computer waarschuwingsberichten moet weergeven wanneer u voedingsadapters gebruikt die niet worden ondersteund door uw computer. Standaard: Ingeschakeld |
|
| Functietoetswerking | Hiermee kunt u de functietoets of multimediatoets instellen als standaardgedrag voor de functietoets. Standaard: Multimedia key |
|
| Toetsenbordverlichting | Hiermee wordt de bedrijfsmodus van de functie voor toetsenbordverlichting geselecteerd. Standaard: Bright (Helder) |
|
| Keyboard Backlight with AC | Hiermee wordt de time-out-waarde geselecteerd voor de toetsenbordverlichting wanneer de voedingsadapter is aangesloten op het systeem. Standaard: 1 minuut |
|
| Keyboard Backlight with Battery | Hiermee wordt de time-out-waarde geselecteerd voor de toetsenbordverlichting als het systeem alleen op batterij wordt uitgevoerd. Standaard: 1 minuut |
|
| Express Charge | Hiermee selecteert u de batterijoplaadmodus. Standaard: Express Charge |
|
| Batterijstatus | Toont de actuele batterijcapaciteit. | |
| Camera | Hiermee wordt de camera in- of uitgeschakeld. Standaard: Uitgeschakeld |
|
| Battery Charge Configuration | Stel de instellingen voor batterijlading in met vooraf geselecteerde tijdstippen waarop aangepast laden wordt gestart en gestopt. Standaard: Aangepast |
|
| Geavanceerde configuratie voor het laden van de batterij | Hiermee kunt u de functie Geavanceerde configuratie voor het laden van de batterij inschakelen vanaf het begin van de dag tot een opgegeven werktijd. Standaard: Uitgeschakeld |
|
| Slaapmodus | Hiermee selecteert u de energiebesparende modus wanneer uw computer niet actief is. Standaard: OS Automatic Selection (Automatische selectie besturingssysteem) |
|
| Onderhoud | ||
| Data wissen bij volgende keer opstarten | Hiermee schakelt u het wissen van data bij de volgende keer opstarten in of uit. Standaard: Uitgeschakeld |
|
| BIOS herstellen vanaf harde schijf | Hiermee kan de gebruiker bepaalde beschadigde BIOS-toestanden herstellen via een herstelbestand op de primaire harde schijf of een externe USB-stick van de gebruiker. | |
| BIOS auto-herstel | Hiermee kunt u het BIOS automatisch herstellen zonder enige actie van de gebruiker. Standaard: Uitgeschakeld |
|
| SupportAssist-systeemresolutie | ||
| Drempel voor Auto OS Recovery | Hiermee kunt u automatisch opstarten voor SupportAssist System Resolution Console en voor de Dell OS Recovery-tool regelen. Standaard: 2 |
|
| SupportAssist OS Recovery | Hiermee kunt u de opstartprocedure voor de tool SupportAssist OS Recovery in- of uitschakelen in het geval van bepaalde systeemfouten. Standaard: Uitgeschakeld |
|
| Beveiliging | |||
|---|---|---|---|
| Status beheerderswachtwoord | Wordt getoond als het beheerderswachtwoord is gewist of ingesteld. | ||
| Status systeemwachtwoord | Wordt getoond als het systeemwachtwoord is gewist of ingesteld. Standaardinstelling: niet ingesteld |
||
| HDD2 Password Status | Wordt getoond als het HDD-wachtwoord is gewist of ingesteld. Standaardinstelling: niet ingesteld |
||
| Servicetag | Hiermee stelt u de servicetag voor uw systeem in. | ||
| Beheerderswachtwoord | Hiermee kunt u het beheerderswachtwoord instellen. Het beheerderswachtwoord regelt de toegang tot de systeeminstellingen. | ||
| Systeemwachtwoord | Hiermee kunt u het systeemwachtwoord instellen. Het systeemwachtwoord regelt de toegang tot de computer bij het opstarten. | ||
| HDD2 Password | Hiermee kunt u het wachtwoord van de harde schijf instellen, wijzigen of verwijderen. | ||
| Wachtwoord wijzigen | Hiermee kunt u toestaan of weigeren dat er wijzigingen worden gemaakt in het systeemwachtwoord of HDD-wachtwoord. Standaard: Permitted (toegestaan) |
||
| Computrace | Met deze optie kunt u de BIOS-module-interface van de optionele Computrace-service van Absolute Software in- of uitschakelen. Standaard: Deactivate (Deactiveren) |
||
| SED Block SID-authenticatie | Hiermee schakelt u de SED Block SID-authenticatie in of uit. Standaard: Uitgeschakeld |
||
| PPI-bypass voor SED-opdracht Block SID (SID blokkeren) | Wanneer er geen schijfeigendom is en de ppibypassforblocksid is ingeschakeld, vereist BIOS gebruikersinvoer tijdens het verzenden van de opdracht voor Block SID-authenticatie naar SED-schijven. Wanneer ppibypassforblocksid is uitgeschakeld, vereist BIOS geen gebruikersinvoer tijdens het verzenden van de opdracht Block SID (SID blokkeren). Standaard: Uitgeschakeld |
||
| Firmware-TPM | Schakel de firmware-TPM in of uit. Standaard: Ingeschakeld |
||
| PPI overslaan voor gewiste opdracht | Hiermee kunt u de TPM Physical Presence Interface (PPI) regelen. Wanneer deze optie is ingeschakeld, kan het OS BIOS PPI-gebruikersprompts overslaan wanneer het de opdracht Clear (Wissen) geeft. Wijzigingen van deze optie worden onmiddellijk actief. Standaard: Uitgeschakeld |
||
| UEFI Capsule-firmware-updates | Hiermee kunt u BIOS-updates via UEFI Capsule-updatepakketten in- of uitschakelen. Standaard: Ingeschakeld |
||
| WINDOWS SMM-BEVEILIGINGSMITIGATIETABEL (WSMT) | Hiermee schakelt u de configuratie van platformfuncties in of uit op Dell Client Systems met voor WSMT ingeschakelde BIOS. Standaard: Ingeschakeld |
||
| Opstarten | |||
|---|---|---|---|
| Fast Boot | Hiermee schakelt u de optie Fast boot (Snel opstarten) in of uit. Standaard: Minimal (Minimaal) |
||
| Veilig opstarten | Hiermee kunt u de functie voor beveiligd opstarten in- of uitschakelen. Standaard: Uitgeschakeld |
||
| Load Legacy Option ROMs | Hiermee wordt de Load Legacy Option ROMs in- of uitgeschakeld. Standaard: Uitgeschakeld |
||
| Optie Opstartlijst | Toont de beschikbare opstartopties. Standaard: UEFI |
||
| Poging verouderde opstartmodus | Hiermee kunt u de verouderde opstartmodus in- of uitschakelen. Standaard: Uitgeschakeld |
||
| Opstartoptie voor Bestandsverkenner toevoegen | Hiermee kunt u de opstartopties toevoegen. | ||
| Afsluiten | |||
|---|---|---|---|
| Exit Saving Changes (Afsluiten met wijzigingen opslaan) | Hiermee kunt u System Setup afsluiten en uw wijzigingen opslaan. | ||
| Save Change Without Exit (Opslaan zonder afsluiten) | Hiermee kunt u de wijzigingen die zijn aangebracht in de BIOS-installatie opslaan. | ||
| Exit discarding Changes (Afsluiten met wijzigingen negeren) | Hiermee kunt u de BIOS-installatie afsluiten zonder de wijzigingen op te slaan. | ||
| Load Optimal Defaults (Optimale systeeminstellingen laden) | Hiermee kunt u de standaardwaarden herstellen voor alle System Setup-opties. | ||
| Wijzigingen verwijderen | Hiermee kunt u de vorige waarden laden voor alle System Setup-opties. | ||